Alles
is Energie, en Wat Dan Nog?
(Nederlandse vertaling van:
Everything is Energy, and so What?)
Kim Michaels
Waarom zijn de ontdekkingen
van Albert Einstein zo belangrijk? Om dit te begrijpen heb je wat achtergrondinformatie
nodig, dus neem alsjeblieft even de moeite om dit door te nemen. Het
zal niet lang zijn en je hebt geen opleiding in de wetenschappen nodig
om mij te kunnen volgen.
Voor Einstein geloofden de
wetenschappers dat het universum gemaakt was uit twee fundamenteel verschillende
elementen, te weten materie (dat geacht werd van ondeelbare deeltjes
te zijn gemaakt ) en energie (dat gezien werd als van golven gemaakt
). Materie en energie werken op elkaar in om het materiële heelal
te vormen, maar zij vermengen zich niet (de een kan niet in de ander
overgaan).
Tot verbijstering van vele
wetenschappers, kwam een eenvoudige klerk op octrooigebied (Einstein)
met een simpele formule, E=mc2, die het wereldbeeld daarmee als achterhaald
voorstelde. Einstein bewees in feite dat het 'materie/energie dualisme'
altijd al onjuist was geweest.
De formule van Einstein verklaart
(en ontelbare experimenten hebben de formule bewezen) dat materie in
energie omgezet kan worden en vice versa. Je bent er misschien mee op
de hoogte dat een nucleaire reactie materie (uranium) omzet in energie.
Deze verklaring echter is niet helemaal juist. In werkelijkheid maakt
een nucleaire reactie eenvoudig een deel van de energie vrij die al
in de Uranium atomen aanwezig was. Waarom is de energie vooral in het
atoom opgeslagen? Omdat atomen van energie gemaakt zijn!
Een
reis in de materie
Het gevolg van Einstein’s formule is dat alle materie van energie
gemaakt is. Om een visueel beeld te krijgen van dit min of meer abstracte
idee, stel je je voor dat je aan een reis begint naar de diepere niveaus
van de materie. Je begint aan de oppervlakte en op dit niveau lijkt
een blok staal massief te zijn. Je weet echter dat materie gemaakt is
van kleinere bouwstenen, moleculen genaamd. Wanneer je een sprong maakt
naar het moleculaire niveau, zie je dat het massieve blok materie uit
een heleboel kleine deeltjes bestaat en dat er open ruimtes tussen de
moleculen zijn.
Moleculen zijn echter niet
de laatste of fundamentele bouwstenen van de materie. Een molecuul bestaat
uit een combinatie van verschillende kleinere bouwstenen, atomen genaamd.
Als je een sprong maakt naar het atomaire niveau, besef je dat er een
hoop lege ruimte tussen de atomen bestaat die het molecuul vormen. Je
beseft verder dat een atoom niet massief is. Het grootste deel van het
atoom is lege ruimte. Het heeft een kern, die vanaf een afstand massief
lijkt te zijn, en verder een aantal elektronen, die rond de kern cirkelen,
ongeveer zoals planeten zich in een baan rond de zon bevinden ( of in
ieder geval dit is hoe de meeste mensen zich een atoom voorstellen).
Voor Einstein geloofden de
wetenschappers dat de verschillende soorten atomen (108 om precies te
zijn) van slechts drie soorten deeltjes gemaakt waren. Deze elementaire
deeltjes werden als de kleinste bouwstenen van de materie beschouwd,
omdat ze niet in kleinere delen gesplitst konden worden. Dit is nu precies
de opvatting die Einstein omverwierp!
Deeltjes
of golven
De formule van Einstein bewijst dat wat de kleinste bouwstenen van materie
bleken te zijn, de elementaire deeltjes, niet ondeelbaar zijn. Met andere
woorden, het zijn niet eenvoudig heel kleine massieve biljartballen.
Zij kunnen tot kleinere of meer fundamentele bestanddelen worden afgebroken
en wanneer we dat doen begeven we ons buiten het gebied van de materie
en komen in een gebied waarin alles energie is!
Gebaseerd op de bevindingen
van Einstein, ontwikkelden een groep van onbevooroordeelde natuurkundigen
Kwantummechanica. Deze nieuwe tak van wetenschap onderzoekt het meest
fundamentele niveau van de materie, te weten de subatomaire deeltjes.
Kwantummechanica ontdekte
al snel een zeer interessant fenomeen dat in volkomen tegenspraak is
met ons op zintuigen gebaseerd wereldbeeld. Onze zintuigen zijn gemaakt
om contrasten en verschillen op te merken. Met andere woorden, iets
is óf rond of vierkant, vast of vloeibaar. Materie is vast en
energie is vloeibaar; daarom zijn materie en energie verschillend.
Natuurkundigen van de kwantummechanica
ontdekten dat subatomaire deeltjes zowel als deeltjes als golven kunnen
verschijnen. Met andere woorden, zij schijnen een tweevoudig wezen te
hebben en dit wordt de 'golf/deeltje dualiteit' genoemd. Dit fenomeen
werd in de jaren twintig van de vorige eeuw ontdekt en het houdt een
aantal zeer interessante gevolgtrekkingen in zich.
Werkelijkheid bestaat in de ogen van degene die het waarneemt
Kwantumnatuurkundigen hebben aangetoond (door ontelbare experimenten)
dat wat wij subatomaire deeltjes noemen, zowel als golven als deeltjes
kunnen optreden. Of zij zich nu als het een of als het ander gedragen
lijkt afhankelijk te zijn van hoe wij ze bestuderen. Met andere woorden,
wanneer een natuurkundige naar een deeltje zoekt, gedraagt de subatomaire
eenheid zich als deeltje. Wanneer de natuurkundige naar een golf zoekt,
gedraagt de subatomaire eenheid zich als golf.
Dit bracht wetenschappers
tot de conclusie dat een wetenschappelijke waarneming het product van
drie factoren is:
- Het fenomeen wat geobserveerd
wordt (een subatomaire eenheid)
- Het instrumentarium dat
voor de observatie gebruikt wordt
- Het bewustzijn van de
wetenschapper die de observatie doet
Deze drie factoren gecombineerd
vormen wat wetenschappers ‘de gehele metingsituatie’ noemen.
De observatie is het gevolg van alle drie factoren, daaronder het bewustzijn
van de waarnemer begrepen.
Met andere woorden, het
bewustzijn van de wetenschapper beïnvloedt de waarneming! Deze
bevinding is door de meeste natuurkundigen geaccepteerd. Helaas vermijden
de meeste wetenschappers over de filosofische gevolgtrekkingen van dit
experimenteel geldig verklaarde feit na te denken . Die gevolgtrekkingen
zijn niets minder dan verbluffend en zij dwingen ons elke aspect van
onze huidig wereldbeeld opnieuw te bezien.
In de volgende gedeelten
zullen we een aantal gebieden onderzoeken die door deze wetenschappelijke
ondervindingen beïnvloed zijn.
Het dualisme is dood
Je zou kunnen zeggen dat mensen altijd al door twee bewustzijnstaten
beïnvloed zijn geweest. Er is het niveau van het oppervlakkige
bewustzijn dat door onze zintuigen beheerst wordt en door de conclusies
die wij trekken, conclusies gebaseerd op wat de zintuigen ons over de
wereld vertellen. Dit is wat Jezus de lagere geest of het menselijke
denken noemde.
Deze bewustzijnstaat wordt geheel beheerst door dualisme, relativiteit,
grenzen en limieten. In deze staat van bewustzijn beoordelen we alles
(van ideeën tot andere ménsen) door het op een relatieve
schaal te zetten, bepaald door twee uitersten (waar en niet waar, goed
en fout, goed en kwaad enz.). Wij proberen alles aan de hand van deze
schaal te beoordelen. Wij zoeken alles van een etiket te voorzien en
het in een mooi denkkader (een hokje) te plaatsen als zijnde waar of
niet waar, goed of slecht. Als een idee of een ander mens eenmaal in
zo’n hokje zit, zal die er niet gemakkelijk uitkomen. De dualistische
gedachtegang wil alles onder controle houden.
Wij hebben echter ook een
aandrang tot een dieper begrijpen en deze aandrang dwingt ons ertoe
voorbij de zintuigen te kijken, verder dan oppervlakkige verschijnselen
en voorbij de stoffelijke wereld. Door deze bewustzijnstaat zien wij
vaak verder dan het dualisme en de betrekkelijkheid van het oppervlakkige
bewustzijn. Wij zien dieper liggende verbanden en een dieperliggende
eenheid. Dit is wat Jezus het Christusbewustzijn noemt.
De psycholoog Carl Jung noemde
het, ‘synchroniciteit’. In plaats van alles vanaf een relatieve
schaal te beoordelen, oordelen mensen in een hogere bewustzijnstaat
eenvoudig niet. Zij voorzien niets van een etiket en zij hebben geen
kaders (hokjes) in hun denken. Zij zijn niet geïnteresseerd om
alles in een hokje (denkkader) te plaatsen; zij willen eenvoudig hun
inzicht in de wereld verruimen. Zij willen niets controleren; zij willen
ontdekken.
Vóór Einstein
was de wetenschap door het dualistische bewustzijn gedomineerd. De wetenschap
had eenvoudig het bereik van de zintuigen uitgebreid, bijvoorbeeld door
telescopen en microscopen, maar het had weinig gedaan om het dualistische
wereldbeeld te betwisten.
De Relativiteitstheorie was
de eerste serieuze uitdaging aan het dualisme en de kwantummechanica
is zelfs verder dan Einstein gegaan. Als alles energie is, dan is de
wereld niet van twee onderscheiden elementen gemaakt. Het is slechts
door één element gemaakt dat eenvoudig in verschillende
vormen verschijnt.
Veel wetenschappers redeneren
dat materie een andere vorm van energie is. De kwantummechanica echter
schijnt te laten zien dat er iets meer is dan wat wij gewoonlijk energie
noemen. Daarom mag je vermoeden dat materie en energie eenvoudig twee
onderscheiden manifestaties van één diepere werkelijkheid
zijn. Met andere woorden wanneer wij verder dan de materie/energiedualiteit
gaan, vinden we een dieper niveau van eenheid.
Gebaseerd op deze bevindingen
is het nodig om opnieuw de waarde van ons wereldbeeld vast te stellen
en de vele subtiele en kunstmatige grenzen af te breken, die uit het
dualisme voortkomen. Energie kan in vele verschillende vormen voorkomen,
maar het enige verschil in de talloze vormen van energie is een verschil
in vibratie. Er is geen werkelijke barrière tussen materie en
energie, tussen lichaam en geest of tussen geest en materie. Deze barrières
waren slechts denkconstructies die het gevolg van dualisme waren.
Waarom het dualisme
overwinnen?
Wat is er mis met de dualistische bewustzijnstaat; waarom is het nodig
erboven uit te gaan? Welnu, omdat in deze gemoedstoestand verschillen
onvermijdelijk tot onenigheid leiden en er voor veel problemen geen
oplossing lijkt te bestaan. Wanneer er een verschil tussen twee geloofssystemen
is, dan moet er één goed zijn en de ander fout. Waneer
er een verschil tussen twee groepen mensen is, moet één
groep de andere dwingen zich aan haar levensstijl aan te passen. Als
dat niet gedaan kan worden, dan moet de zich verzettende groep verwijderd
worden. Een onbevooroordeelde kijk op de geschiedenis laat heel snel
zien dat bijna alle menselijke conflicten uit een dualistische bewustzijnstaat
voortkomen. Onnoemelijke wreedheden zijn er het gevolg van geweest en
deze staat van bewustzijn kan ervoor zorgen dat uiteindelijk de mensheid
zichzelf vernietigt.
Door het neerhalen van barrières
kunnen we een aantal problemen overwinnen die vanuit de dualistische
bewustzijnstaat onoplosbaar lijken te zijn. Wij kunnen bijvoorbeeld
een dieperliggend verband gaan zien tussen het denken en lichamelijke
ziekte wat nieuwe wegen kan openen voor het ontdekken en het genezen
van ziektes. Door in te zien dat alles energie is kunnen we nieuwe wegen
openen voor zelfhulptechnieken gericht op het omgaan met mentale en
emotionele (psychische) energie. Op grotere schaal kunnen we beginnen
aan kunstmatige afscheidingen voorbij te gaan zien , zoals ras, sekse,
nationaliteit, status enz., die zo vaak tot onenigheid tussen groepen
mensen aanzet. Misschien zou dit zelfs tot een nieuwe vorm van vreedzaam
naast elkaar bestaan kunnen leiden?
Het afbreken van dualisme
zou heel diepgaande implicaties kunnen hebben voor alle aspecten van
ons persoonlijke en intermenselijke leven. Het zou de al eeuwen voortdurende
trend kunnen versterken van het doorbréken van barrières
tot vooruitgang en samenwerking. Bijvoorbeeld, een aantal eeuwen terug
waren veel samenlevingen gebaseerd op de een of andere vorm van slavernij
of verdeling van de bevolking in afgescheiden groepen. Dit was duidelijk
het resultaat van een dualistische benadering en als gevolg daarvan
scheen er voor veel conflicten geen oplossing te bestaan. Als mensen
wezenlijk van elkaar verschilden hoe kon je dan het conflict tussen
meester en slaaf of tussen rassen onderling oplossen?
Democratie is een direct
gevolg van een dieper inzicht, namelijk dat alle mensen gelijk geschapen
zijn. Met dit inzicht als basis is slavernij niet langer aanvaardbaar
en we kunnen het conflict tussen meester en slaaf opheffen door een
maatschappij te scheppen waarin mensen niet als bezit worden beschouwd.
Is wetenschap werkelijk
objectief?
Al meer dan vier eeuwen is de westerse samenleving onderworpen aan een
strijd tussen wetenschap en godsdienst. Deze strijd is duidelijk het
gevolg van een dualistisch wereldbeeld. De moderne natuurwetenschap
heeft nu bewezen dat het dualistische wereldbeeld achterhaald is en
daarom moet de strijd tussen wetenschap en godsdienst eenvoudig verdwijnen.
Wij moeten verder kijken
dan de kunstmatige afscheidingen die door deze strijd in het leven geroepen
zijn en gaan zoeken naar een groter begrip van de werkelijkheid. De
strijd tussen wetenschap en godsdienst komt voort uit een dualistische
bewustzijnstaat die verschillen als de bron van onenigheid ziet. Wanneer
wetenschap en godsdienst met verschillende ‘onfeilbare’
theorieën komen, dan moet de één goed zijn en de
ander fout.
Een hogere bewustzijnstaat
ziet voorbij aan zulke oppervlakkige verschijnselen. Het ziet strijd
als een bewijs dat we nog niet tot het hoogst mogelijke begrip van de
wereld zijn gekomen. Daarom moeten we voorbij de door beide zijden aangedragen
theorieën kijken. In plaats van aan te tonen dat één
zijde waar is en de andere onwaar, moeten we kijken naar een hoger begrip
dat de onenigheid opheft.
Hoe kunnen we beginnen met
het vinden van een dergelijk begrip? Een voor de hand liggende plaats
om te beginnen zijn de bevindingen van de natuurwetenschap. Omdat kwantummechanica
aangetoond heeft dat wetenschappelijke waarneming door het bewustzijn
van de onderzoeker beïnvloed kan worden, kan de wetenschap godsdienst
niet langer op een afstand houden door te beweren dat wetenschap objectief
is terwijl alle godsdienstige ideeën subjectief zijn. Wij moeten
het feit overwegen dat wetenschappelijke kennis ook beïnvloed kan
worden en wel door de geest van de wetenschapper.
Het is interessant om te
zien dat de moderne wetenschap zich ontwikkelde als reactie op de middeleeuwse
kerk en haar onfeilbare leerstellingen. Wetenschap probeerde een methode
vast te stellen voor het verkrijgen van kennis die niet door het bijgeloof
en de opvattingen van de wetenschapper beïnvloed kon worden. De
materialistische wetenschap maakt nu aanspraak op vrijwel dezelfde positie
zoals die door de middeleeuwse kerk werd ingenomen. De kerk beweerde
onfeilbaar te zijn omdat de paus een autoriteit was die niet door het
menselijke bewustzijn beïnvloed werd. De wetenschap claimt onfeilbaarheid
omdat de wetenschappelijke methode tot kennis leidt, die niet door het
bewustzijn van mensen beïnvloed is.
De wetenschap bewees dat
de kerk niet onfeilbaar was en nu heeft de kwantumfysica bewezen dat
wetenschap niet onfeilbaar is. Misschien is de echte les hier dat geen
méns of menselijk instituut ooit als onfeilbaar moet worden gezien.
In plaats van te verkondigen dat onze huidige theorie de ultieme theorie
is, zullen we voortdurend naar een hoger begrip moeten zoeken. In plaats
van de onfeilbaarheid van onze bestaande opvattingen te verdedigen,
zouden we kunnen aannemen dat ons huidig begrip slechts een opstap voor
iets beters is.
In werkelijkheid is de behoefte
aan een onfeilbare leer het gevolg van de dualistische of lagere bewustzijnstaat.
Door boven deze staat van bewustzijn uit te reiken kunnen we nieuwe
wegen openen voor zowel wetenschap als godsdienst. In plaats van pionnen
in de eindeloze menselijke machtstrijd te zijn, kunnen wetenschap en
godsdienst twee elkaar aanvullende instrumenten zijn voor het zoeken
naar antwoorden. Misschien de enige manier om deugdelijke antwoorden
te vinden is door boven de dualistische bewustzijnstaat uit te reiken?
Mensen hebben altijd een
verlangen naar een hoger begrijpen gehad. Misschien is de wens voor
een hogere bewustzijnstaat - één die boven dualisme staat
- de werkelijke stuwkracht achter zowel wetenschap als godsdienst?
De menselijke geschiedenis
kan als een strijd tussen twee krachten gezien worden. Eén kracht
staat voor de dualistische bewustzijnstaat die alles beperkt tot een
strijd om macht en zeggenschap. De andere is de stuwkracht voor eenheid
en een hoger begrip, die uitdrukking vindt in de positieve kant van
de menselijke natuur.
De geschiedenis heeft duidelijk
aangetoond dat zowel wetenschap als godsdienst in dit spel om macht
en zeggenschap kan worden gebruikt. Beide kunnen echter ook als instrumenten
voor het ontwikkelen van een hoger begrip aangewend worden. Misschien
is dit hogere begrip de sleutel voor het samenbrengen van wetenschap
en godsdienst?
Wetenschap en bewustzijn
Wetenschap ontwikkelde zich in een poging boven het lagere menselijke
bewustzijn te reiken dat door dualisme, relativiteit en onenigheid gedomineerd
wordt. Het probeerde een methode vast te stellen voor het verkrijgen
van kennis die niet door menselijk bijgeloof, egoïsme en dualisme
beïnvloed kon worden. Het is duidelijk dat de wetenschap wat dit
betreft veel vooruitgang heeft geboekt en het zou onjuist zijn deze
vooruitgang te betwijfelen. Maar vanwege de wens naar objectiviteit
heeft de wetenschap, bewustzijn vaak genegeerd. Wetenschappers zien
bewustzijn vaak als buiten het vlak van wetenschap liggen, als zijnde
te subjectief voor wetenschappelijke studie of als te onbelangrijk voor
wetenschappelijke resultaten en conclusies. Gelet op de bevindingen
van de kwantumfysica zijn deze standpunten niet langer houdbaar.
De wetenschap kan eenvoudig
bewustzijn niet langer negeren. Wanneer bewustzijn wetenschappelijke
observaties van de meest fundamentele aspecten van de materie kan beïnvloeden,
kan geen enkele wetenschapper het zich veroorloven om niets van bewustzijn
te willen weten. Als alles energie is, dan volgt daaruit dat de menselijke
geest van energie gemaakt is. Daarom is er geen werkelijke afscheiding
tussen materie en geest of tussen de wereld en het bewustzijn van de
waarnemer. We zullen voorbij deze kunstmatige barrières moeten
kijken en gaan begrijpen hoe bewustzijn elk aspect van ons leven beïnvloedt.
Aan het einde van zijn leven,
probeerde Albert Einstein een eenheidstheorie van natuurkunde te ontwikkelen.
Veel andere wetenschappers hebben geprobeerd een Theorie van Alles (TVA)
uit te werken, die elk aspect van de wereld kan verklaren. Tot dusver
zijn al deze pogingen mislukt. Misschien is de reden daarvoor dat een
TVA, bewustzijn erin moet opnemen. Wellicht dat toekomstige wetenschappers
zullen beseffen dat waar ruimte ‘de uiteindelijke grens’
genoemd kan worden, bewustzijn de uiteindelijke grens ís en dat
geen wetenschappelijke theorie bewustzijn kan veronachtzamen. Laten
we proberen een nieuw wereldmodel te ontwikkelen dat bewustzijn in zich
verenigt en het feit dat alles energie is.
Om dit nieuwe wereldmodel
te bekijken, klik hier.
Terug naar Een
Nieuw Wereldbeeld is nodig
Terug
naar boven
Copyright
© 2003 by Kim Michaels
|